Beste, we willen je helpen

Draag zorg voor je kleding

10 tips om je kleren altijd smetteloos te houden

  1. Was witte en lichte kleding gescheiden van gekleurde en donkere kleding.
  2. Natuurlijke stoffen zoals wol, linnen of zijde krimpen als ze te heet worden gewassen en vervormen als ze gecentrifugeerd of verticaal opgehangen worden. Aanbevolen wordt om kunst- en synthetische stoffen in lauw water te wassen en ze op een lage temperatuur en binnenstebuiten te strijken. Spijkerbroeken moeten altijd binnenstebuiten worden gewassen op een temperatuur van niet meer dan 40 ºC.
  3. Vul de wasmachine niet te veel. Bij een te volle wasmachine kan het zijn dat de kleding niet goed schoon wordt.
  4. Wij raden je aan om met neutrale wasmiddelen te wassen, omdat deze minder bleekmiddelen bevatten.
  5. Was de kleding binnenstebuiten. Het is beter om vloeibaar wasmiddel dan poeder of blokjes te gebruiken.
  6. Gebruik met mate wasmiddel en wasverzachter. Als je te veel gebruikt kunnen er vlekken op de kleren verschijnen.
  7. Vermijd het gebruik van droogtrommels. De stoffen worden mat en de kleding slijt.
  8. Hoge temperaturen tasten de stoffen aan.
  9. Wanneer je de was buiten droogt, vermijdt dan direct zonlicht.
  10. Wanneer je strijkt, begin dan met een lage temperatuur. Strijk donkere kleding binnenstebuiten of als deze nog iets vochtig is.

Wassymbolen

Wat betekenen de symbolen op de etiketten?

Wassen

Machinewas. Het nummer (30 ºC, 40 ºC, 60 ºC, 95 ºC) geeft de maximum wastemperatuur aan.

Machinewas op normaal programma en kort centrifugeren. Het nummer (30 ºC, 40 ºC, 60 ºC, 95 ºC) geeft de maximum wastemperatuur aan.

Handwas op maximaal 30 ºC. Niet uitwringen.

Niet wassen.

Gebruik van bleekmiddel

Gebruik van bleekmiddel is toegestaan.

Geen bleekmiddel gebruiken.

Strijken

Heet strijken: tot maximaal 200 ºC. Katoen, linnen of viscose.

Matig heet strijken: tot maximaal 150 ºC. Wol en polyesterblends.

Niet heet strijken: tot maximaal 110 ºC. Natuurlijke zijde, rayon, acetaat of acryl.

Niet strijken.

Stomen

De letters (A, F, P) in de cirkels geven het voor elk kledingstuk geschikte product aan (nuttige informatie voor stomerijen).

Niet stomen.

Drogen

Drogen in de droogtrommel is toegestaan.

Niet drogen in de droogtrommel.

In de droogtrommel drogen op een lage temperatuur.

In de droogtrommel drogen op een normale temperatuur.

Horizontaal ophangen.

Nat ophangen.

Op een kleerhanger hangend drogen.

Chemische vezels

Chemische vezels worden in chemische fabrieken gemaakt. Als van de natuur afkomstige grondstoffen worden gebruikt, worden ze kunstvezels genoemd. Als ze zijn gemaakt van olieverbindingen dan worden ze synthetische vezels genoemd.

Viscose

Viscose of rayon is een zacht aanvoelende vezel met eigenschappen vergelijkbaar met die van katoen en lijkt op wol of zijde. Viscose wordt gekenmerkt doordat de stof gemakkelijk kreukt en zeer absorberend is. Door de lage weerstand heeft de stof de neiging om te krimpen.

Acetaat

Een zachte en lichte kunstvezel die op zijde lijkt. Een van de belangrijkste eigenschappen is dat deze stof niet krimpt, niet verkleurt en nauwelijks kreukt. Acetaat wordt veelal gebruikt voor lingerie, blouses, jurken en andere accessoires.

Modal

Zachte en comfortabel te dragen kunstvezel met eigenschappen die op die van katoen met elasthaan lijken. De stof wordt gekenmerkt door het feit dat het sterk is en niet kreukt.

Polyester

Zeer sterke synthetische vezel die niet kreukt of krimpt. De stof heeft vele toepassingen, alleen of in combinatie met natuurlijke en chemische vezels. De stof is goedkoop en droogt snel.

Acryl

Een warme, zachte en comfortabele synthetische vezel. Gekenmerkt door het feit dat de stof zeer goed bestand is tegen zowel milde als strenge weersomstandigheden. Vaak wordt acryl met wol vermengd om de vezel een hogere weerstand te geven.

Polyamide

Een zeer sterke en elastische synthetische vezel die algemeen bekend staat als Nylon. De stof vervormt bij zeer hoge temperaturen en neemt geen transpiratie op.

Elasthaan

Een vezel die wordt gebruikt om kleding van elasticiteit te voorzien. De stof is in het algemeen bekend onder de naam Lycra en wordt meestal gemengd met andere vezels.

Natuurlijke vezels

Natuurlijke vezels zijn afkomstig uit de natuur. Ze worden in twee groepen ondergebracht, naargelang ze van plantaardige of dierlijke oorsprong zijn.

Linnen

Plantaardige vezel die wordt verkregen uit de vlasplant. De stof wordt gekenmerkt door een zeer sterke, flexibele en glanzende vezel die vocht en transpiratie absorbeert. Linnen is geneigd om snel te kreuken.

Ramie

Witte plantaardige vezel met een zijdeachtige glans. De stof wordt gekenmerkt door het feit dat het een van de sterkste en hardste natuurlijke vezels is maar met een lage elasticiteit. Ramie is kleurvast, duurzaam en zacht.

Katoen

Een zachte, elastische en sterke plantaardige vezel met een hoog vochtopnemend vermogen. Het is in het algemeen de meest gebruikte vezel en wordt gekenmerkt doordat het snel kreukt.

Wol

Een zachte, elastische natuurlijke vezel van dierlijke oorsprong. De stof wordt gekenmerkt door het hoge thermische vermogen om water te absorberen of te verdampen, naargelang de buitentemperatuur, en past zich aan de veranderingen van de lichaamstemperatuur aan.

Zijde

Zachte en glanzende vezel die afkomstig is van de zijderups. Het is een vezel met de beste kwaliteit en uitstraling, voelt zacht aan en heeft een kenmerkende glans.